Scholieren.com vernieuwd! Kun je niet wennen? Oude site.

Waar gaat jouw geld allemaal aan op? Heb jij een gat in je hand? Of ben je juist een spaarder? Heb jij een bijbaantje of heb je die extra inkomsten niet nodig?

Doe mee aan het Scholierenonderzoek van het Nibud en steun zo kinderen in arme landen! Het invullen duurt ongeveer een kwartiertje.

Geschreven door:

Kees van der Pol [meer]

Datum ingestuurd:

10 februari 2007

Niveau:

Docent

Taal:

Nederlands

Woorden:

3045

Opvragingen:

1396 (11 deze maand)

Waardering:

4.7/5 (9 stemmen)

PAULINE SLOT DE INWENDIGE

Gebruikte editie
Eerste druk: januari 2007
Gebruikte druk: gebonden, eerste druk
Aantal bladzijden: 22
Uitgever: De Arbeiderspers, Amsterdam

Gegevens voorkant
De afbeelding op de voorkant betreft een meisje dat met haar vinger in een glazen snoepbus gaat.

Genre
“ De inwendige” is een psychologische roman, die eigenlijk alleen maar over eten gaat.

Mijn mening
Zou je literaire thrillers wel eens het junkfood van de literatuur kunnen noemen (snel en licht verteerbaar maar direct daarna weer honger) dan kun je de roman van Pauline Slot misschien het beste vergelijken met een bizar exotisch gerecht, waar je nog wel even aan wilt beginnen, maar waarvan direct na de eerste brokken de smaak toch erg tegenvalt. Tegen de ober die je niet opgegeten schoteltje weer ophaalt, zou je misschien nog wat beleefdheidstermen mompelen, maar je weet zeker dat je dit gerecht nooit meer zult bestellen. Het is geen aangebrand eten, maar het smaakte werkelijk nergens naar. Een mislukt recept uit de keuken van de schrijfster die met andere romans toch bewezen heeft dat ze kan schrijven. Ik zou het leerlingen van middelbare scholieren afraden. Als docent zou ik werkelijk niet weten wat ik over dit boek zou moeten vragen. Verder dan 1 punt kom ik dan ook niet op onze literatuurlijst.

Autobiografisch?
Er zitten nogal wat autobiografische elementen in de roman: Slot is ook geboren in Den Haag, getogen in Zoetermeer, heeft Nederlands gestudeerd in Leiden. Heeft aan een proefschrift gewerkt, heeft lang rondgefietst in Australië , publiceerde een eerste roman daarover. Al die elementen komen terug in het leven van Alma.

De flaptekst
Het kind van vier eet ijs na het amandelen knippen. Het meisje van veertien proeft in Frankrijk voor het eerst kaasfondue en artisjokken, en vindt alles lekker omdat de ober naar haar lacht. De vrouw van vierentwintig eet haar eerste crematiecake, en zoekt troost in chocola. Jaren later eet ze beschuit met muisjes voor een kind dat niet van haar is.
Verteld in een stijl die soepel meebeweegt met haar leeftijd, ontvouwt zich aan de hand van momenten als deze de levensgeschiedenis van Alma Oosting. Want eten is zoveel meer dan brandstof. Eten is een ontmoeting met anderen, eerst in familie en gezin, later met vrienden en geliefden. Eten is omgeven door regels, tradities en taboes. In De inwendige worden oude gewoontes gaandeweg vervangen door nieuwe, en ontwikkelen beklemmende voorschriften zich tot obsessies.
Dit boek toont hoe mensen elkaar voeden en vergiftigen, wat zij elkaar voorzetten en onthouden, en wie er in een lichaam verscholen gaat.


Motto en opdracht
Het motto is ontleend aan een roman van Michael Cunningham , “The Hours” :
They stand for a moment, the three of them, before the plates heaped with food. The food feels pristine, untouchable, it could be a display of relics”

Vrij vertaald luidt het motto: “Ze stonden voor een ogenblik voor de schotels die overladen waren met voedsel. Het eten zag er ongerept en onaangeraakt uit: het kon een demonstratie van een relikwie zijn.”

De macht die voedsel op de mensen kan hebben wordt met dit motto goed uitgedrukt.

Structuur en verhaalopbouw
De roman is opgebouwd uit een aantal hoofdstukken , nl. 22, die niet genummerd zijn, maar wel getiteld. Alle hoofdstuktitels hebben met voedsel te maken. Zo heet het eerste hoofdstuk: “Lammetjespap” Andere heten: Snoepketting, Cappucino, Rendier, Amandelspijs etc. In elk hoofdstuk wordt wel iets besproken dat met eten te maken heeft. Kenmerkend voor de stijl en de opbouw is dat er per hoofdstuk wel drie passages worden verteld die op zich niets met elkaar te maken hebben en steeds het motief van “eten” met elkaar gemeen hebben.
In de roman zit een chronologische opbouw, want de hoofdfiguur wordt steeds ouder. Aan het einde van de roman speelt de geschiedenis zich af in de 21e eeuw. De aanslag op het WTC in 2001 wordt verteld, prinses Amalia is geboren.
In elk hoofdstuk worden steeds enkele verhaaldraden beschreven, die op het eerste gezicht en op het tweede volgens mij ook niets met elkaar te maken hebben. Eigenlijk is het een caleidoscoop over eten, maar de vorm van de roman is m.i. daarvoor niet geslaagd. Naarmate het boek vorderde ging het mij steeds meer tegen staan, zoals ik vroeger ook geen spruitjes kon weg krijgen: de eerste gingen nog wel, maar daarna kwamen ze mij de strot uit.
Dat overkwam me ook tijdens het lezen van het boek. Ik was dan ook heel blij dat mijn bordje leeg was (het boek uit was) In een restaurant zou ik het gerecht niet meer bestellen.

Perspectief
Het perspectief van de roman berust bij de ik-verteller, Alma Oosting, we zien haar opgroeien van een heel jong meisje dat de wereld niet begrijpt naar een volwassen vrouw.
Ze praat in het eerste hoofdstuk echt als een kind, springt van de hak op de tak. Indrukken worden vooral associatief verteld: de kleuter Alma ziet iets e denkt meteen aan iets anders dat daarmee een relatie vertoont. Dat is op zich wel knap gedaan, hoewel de lezer wel eens wat moeite zal hebben om mee te springen van die ene tak naar de volgende hak. Naarmate de vertelster ouder wordt, maakt ook het associatieve denken wat minder grote spongen, maar in de eerste helft van het boek blijft dat toch nog wel steeds gebeuren. Aan het einde van de roman is Alma een ruime veertiger die steeds meer vrouwelijke relaties bij zich in huis heeft. Is ze lesbisch? Niet dat het een interessante vraag is, want het boek gaat in feite toch alleen maar over eten.

Titelverklaring
De titel is te verklaren met de uitdrukking: “de inwendige mens.” Het gaat in de roman alleen maar over eten, dat de inwendige mens moet versterken..


Tijd en decor
De tijdsduur van de roman is vrij lang: in het begin is het meisje een kleuter. (haar keelamandelen zijn geknipt) Het decor in die eerste hoofdstukken lijkt op dat van de zestiger jaren. Door middel van tekstgegevens die buiten het verhaal liggen, is wel te volgen in welke jaren we zitten. Zo vertelt Alma in het hoofdstuk Zwart-Wit o.a. over de hit “Venus”van Shocking Blue. Deze hit heeft in 1969 de derde plaats in de top-40. Dat wordt in dat hoofdstuk verteld, dus dan betekent het dat dit hoofdstuk in 1969 speelt. Wanneer we Alma het geboortejaar van de schrijfster Slot meegeven (1960) dan is Alma op dat moment dus ongeveer 9 jaar en dat zou wel kunnen kloppen met de feiten in de roman..
In het hoofdstuk Cappuccino gaat het over de aanslag op het WTC in New York : het moet dan september 2001 zijn en in het laatste hoofdstuk ziet Alma prinses Amalia lopen: het kind van Maxima werd eind december 2003 geboren, maar dan zou er dus wel eens sprake kunnen zijn van 2005. De gehele tijd die beschreven wordt is dus van het begin van de zestiger jaren tot en met 2005.

In het begin woont Alma in Den Haag en dat is duidelijk te herkennen. Daarna verhuist het gezin naar Zoetermeer. Ook vertelt ze vaak over de reizen die ze naar Amerika en Australië
Heeft gemaakt en waar ze natuurlijk ook over het voedsel vertelt.

Thematiek en symboliek
“De inwendige “is vooral een boek over voedsel in al zijn facetten. Voedsel is belangrijk voor je sociale contacten, want je eet altijd elke dag, maar er zijn vrijwel altijd mensen om je heen die ook iets met dat eten te maken hebben. Je ouders die je vanaf je geboorte voeden, zijn daarvan een voorbeeld. Ook zijn er veel rituelen aan het eten verbonden, denk bijvoorbeeld eens aan het dekken van de tafel. Of bij het uitdelen van koek of chocolade mag je als eerste niet het grootste stuk uitzoeken. Het uitdelen van de hotelcake bij begrafenissen en crematies.
Ook over dat soort passages gaat de roman “De inwendige.”
Je ziet dat het voedsel in de loop van de decennia verandert: van ouderwets eten naar junkfood. Je ziet dat mensen problemen hebben met eten: anorexia en overgewicht. Je ziet dat in landen als Amerika grote porties worden voorgezet. Kortom, de roman gaat enkele en alleen over eten. Maar als genre is dit boek mijns inziens totaal mislukt. Nergens ontstaat maar enige spanning met betrekking tot de hoofdfiguur. Het is natuurlijk een persoonlijke opvatting, maar het boek kwam me om in etenstermen te spreken mij strot uit: gauw je vinger in je keel steken en geen extra bordje meer eten.

Samenvatting van de inhoud
De inhoud wordt samengevat aan de hand van de inhoud van de hoofdstukken. Maar zoals uit het bovenstaande kan worden opgemaakt: het is eigenlijk zinloos een samenvatting van de hoofdstukken te maken: er zit geen verband in de delen: eten is de centrale rode draad, maar daar is alles meegezegd.

In het eerste hoofdstuk (“Lammetjespap”) maken we kennis met het kleine meisje Alma. Ze is nog heel klein en begrijpt de wereld van de volwassenen nog helemaal niet. Lammetjespap is voedsel voor kleine meisjes. Ze krijgt dat voedsel toegediend. Ook moet ze ijs in de winter eten want ze is net geknipt d.w.z. haar keelamandelen zijn verwijderd. Als ze ijs eet, verdwijnt de pijn even, maar die komt weer snel terug. Een ander element dat haar bijblijft, is de komst van Sinterklaas. Ze wordt bij de Goed Heiligman geroepen, maar haar vader is er niet bij. Die krijgt dan geen cadeautje van de Sint en het kind vindt dat verschrikkelijk. Haar moeder ligt steeds in bed. Het gezin woont in Den Haag.

In “ Schoolmelk” is de ikfiguur Alma al weer wat ouder. Ze zit op school en moet de vieze schoolmelk uit een kartonnetje drinken. Als ze op visite is bij opa en oma mag ze een stukje boterkoek, maar niet het grootste dat ze heeft gepakt. Dat blijft liggen tot het einde. Daarom wil ze zelf later gaan trakteren, want dan blijft het grootste stukje chocolade op het bordje liggen. In dit hoofdstuk blijkt dat haar moeder zwanger is en daarom op bed heeft gelegen. De baby komt ongeveer twee weken te vroeg. De baby wordt inderdaad geboren en ze krijgt van de zuster beschuit met muisjes. Alma heeft een loszittende tand, waar ze met haar tong tegen aan gaat.. Ze heeft ook een boekje over Billie Turf, het dikste studentje ter wereld dat altijd wordt gepest.

Ho: Snoepketting. In de eerste passage van dit hoofdstuk gaat het gezin naar Drievliet. Haar zusje heet Moon. In een andere passage vertelt Alma over haar vaste gebit. Kinderen zijn dan ongeveer 7 á 8 jaar. Ze wedt met haar vader dat ze het verschil tussen roomboter en margarine kan proeven en wint de weddenschap. Op haar verjaardagspartijtje mogen de kinderen mee naar de film en daarna bakt moeder patat. Tijdens de film kijkt ze naar haar mooie snoepketting.

Ho: Vruchtvlees .Je merkt als lezer dat Alma weer wat ouders is geworden: ze springt minder van de hak op de tak. Ze heeft met haar zusje iets vies te eten gemaakt voor haar vader, maar er wordt niet over doorverteld. Op een andere verjaardag van een oom mag ze een gebakje uitkiezen: ze kiest een roomhoorn. De titel van het hoofdstuk gaat over fruit eten, waarbij ze aandacht besteedt aan het vruchtvlees van de sinaasappel.

Ho: Zwart-wit : ze heeft het snoeppoeder in dit hoofdstuk aangeschaft, maar vertelt ook over de hit van Shocking Blue. Het moet dan 1969 zijn. Met een vriendinnetje Tilly uit Zoetermeer waarheen ze verhuisd is, gaat ze de polder in en schrijft ze tijdens dat avontuur in haar dagboek.

Ho: Lichtbruin Knip. Tilly is haar vriendin geworden met wie ze uit school nogal eens naar huis gaat. Ze snoepen kaakjes. Tilly is duidelijk wat welgestelder: het gaat er allemaal wat deftiger aan toe. Alma zit intussen in de brugklas: ze moet dan twaalf jaar zijn.

Ho: Vel Alma is nu een puber die nogal ruim in haar vel zit. Dat blijkt het duidelijkst wanneer ze met Tilly naar het openluchtzwembad gaat: ze schaamt zich wel een beetje voor haar figuur. Ze eten toch ijs. Ook gaat ze bij haar dementerende overgrootmoeder op bezoek.

Ho: Amandelspijs Alma is 14 jaar. Ze gaan met vakantie naar Frankrijk waar ze door een jongen die haar in het hotelletje bedient en op wie ze een beetje verliefd is een kaasfondue krijgt voorgeschoteld. In het begin van het hoofdstuk wordt verteld over de amandelspijs die in het paasbrood zit en dat je zo mooi voor het laatst kan bewaren met opeten.

Ho: Cacaofantasie
Alma’s eerste vriendje heet Peter. Ze zitten allebei op een toneelclubje. Na het toneelspelen heeft ze op een avond te veel gedronken en ze moet daarvan overgeven.

Ho: Maison Kelder Ook weer een fragmentarisch hoofdstuk: er worden enkele passages verteld die weinig met elkaar gemeen hebben. Alma wordt achttien jaar: ze eten speciaal gebak van Maison Kelder (een patisserie die in Den Haag heel beroemd is) Ook gaat ze op vakantie naar Engeland waarbij ze haar tweede vriendje Ernst achterlaat. Met haar zusje Moon maakt ze een lange fietsrit naar hun vakantiehuisje op de Veluwe. Ze heeft geen mooi figuur om in korte broek te gaan fietsen.

Ho: Marvelon. Alma blijft bij haar vriendje Ernst slapen, maar is de pil (titel hoofdstuk) vergeten. Ze gaat ook met Ernst op vakantie en heeft dan veel regen. Een half jaar later maakt hij het uit. Alma’s vader is boos, want hij begrijpt dat ze seks met hem heeft gehad.

Ho: Hotelcake
Alma werkt in een reformwinkel. Ze eet daar van een boerencake. Die heeft wel smaak. Heel anders dan de hotelcake die bij crematies wordt rondgedeeld. Dat gebeurt ook op de crematie van Peter die gestorven is. Intussen studeert Alma Nederlands in Leiden.

Ho: Dhal bhaat : dit gerecht eet Alma op reis: het is rijst met een linzenpapje. Haar vriendin Els eet er ook van en krijgt kort daarop acute diarree.

Ho: Rijstwafels . Alma studeert nog steeds. Ze eet veel rijstwafels omdat ze wil afvallen. Ook heeft ze wel eens een sapdag.

Ho: Thee met melk:(ik zou werkelijk niet weten wat uit dit hoofdstuk vermeld of samengevat moet worden.)

Ho: Dressing Alma weigert voedsel in een vliegtuig. De man naast haar doet het wel, lardeert zijn eten met een dressing. Ze is op weg naar Engeland om kerst bij een nieuwe vriend te vieren. Daarna is ze weer verhuisd.: eten wordt een obsessie: ze steekt vaak na het eten haar vinger in haar keel. In het tweede deel van dit hoofdstuk heeft ze een nieuwe vriendin Dawn, een Amerikaanse die aan grote porties gewend is en die vaak ziek is. Alma verzorgt haar.

Ho: Beschuit met muisjes Het belangrijkste in dit hoofdstuk is dat haar zusje Moon een baby heeft gekregen en dat ze bij haar beschuit met muisjes eet (zo’n eetritueel) Alma is wel een beetje jaloers op haar zusje, maar ze ergert zich aan het voeden van het kindje Kas met de borst. Dawn heeft ook eetproblemen.

Ho: Suikerspiegel : wanneer ze veel fietst om controle op haar gewicht te houden, daalt haar bloedsuikerspiegel en moet ze snelle suikers hebben om het trillen van haar ledematen de baas te kunnen. Ze is met Dawn naar Australië en fietst daar dus veel. Ze krijgt ze wel eens de “hongerklop.”

Ho: Kwekkeboom Tijdens een bezoek aan Amerika eet ze lever met uien en direct daaraan wordt gekoppeld een scène waarin haar cursisten een Kwekkeboomkroket nuttigen. Het logische van de overgang tussen deze scènes is me ontgaan. Intussen heeft Moon een tweede zoon Stijn. Alma schrijft mee aan een folder voor anorexia en boulimia.

Ho: Rendier
Alma eet intussen vegetarisch, maar in de volgende scène eet ze een keer op reis rendiervlees. Ze vindt het maar flauw vlees.

Ho: Cappuccino : in dit hoofdstuk wordt diverse keren cappuccino gedronken : de ene is lekker, de andere niet. Er vliegen in dit hoofdstuk vliegtuigen in het WTC in New York: het is 2001.

Ho: Lam met artisjokharten: (Gelukkig het laatste hoofdstuk, want het is geen lekker toetje.) In fragment 1 koopt Alma een veelheid aan koeken bij AH voor haar Poolse arbeiders in huis. Die maken een zootje van het eten bij haar.
In een ander fragment bezoekt ze haar dementerende oma die in een tehuis zit.

Ze leest in het hongerdagboek van haar moeder uit de oorlog en in het laatste deel van dit hoofdstuk zet ze een aantal gangendiner voor haar familie op tafel: o.a. lam met artisjokharten.

De lezer die het boek hier dicht slaat, heeft vast geen trek meer.


Recensies
Zijn op 10 februari nog niet beschikbaar: via Google op internet.

Over de schrijver
Pauline Slot werd in 1960 in Den Haag geboren. Ze groeide op in Den Haag en later in Zoetermeer. Hoewel zij overwoog Egyptologie te gaan studeren, besloot zij toch te kiezen voor Nederlands. Ze specialiseerde zich in taalbeheersing, en studeerde in 1988 in Leiden af op de herkenning van ironie.
Vervolgens werkte ze vijf jaar aan de Universiteit van Amsterdam. In 1993 promoveerde ze daar op een proefschrift over retorische vragen (How can you say that, Amsterdam). Een populaire bewerking van dit proefschrift verscheen in 1995 (Vroeg ik jou wat?, Amsterdam).
In 1993 sloeg Pauline Slot haar huisraad op en ging voor vijftien maanden op reis. Ze fietste 10.000 kilometer door Australië, Nieuw-Zeeland en Canada, en bezocht de Fiji en de Cook Islands. Thema van de reis was 'lege landschappen'. Ze kwam terug met het idee voor Zuiderkruis, geïntrigeerd door de sporen die de reiziger achterlaat in een landschap en door de sporen die een landschap achterlaat in de reiziger. Vanuit die fascinatie ontstond het verhaal van Emma Schager die het spoor van haar vriendin Floor volgt door Australië, Nieuw-Zeeland en Fiji om te achterhalen wat er met haar is gebeurd.
Drie jaar werkte Pauline Slot aan Zuiderkruis, haar literaire debuut, dat in januari 1999 bij De Arbeiderspers verscheen en door de pers unaniem juichend werd besproken. Het boek was al voor verschijnen verkocht aan Duitsland, en zal daar in 2000 gepubliceerd worden. Ook de roman Blauwbaard, verschenen begin 2000 gooide hoge ogen: een modern sprookje over ex-partners, stiefkinderen en archeologie.

Haar derde roman, die in oktober 2001 is verschenen, heet 'Tegenpool' en gaat over een vrouw die met de kerst haar familie ontvlucht en op reis gaat. Een roman over de darwiniaanse strijd van broers en zussen om een plaats in de familiehiërarchie. Over verwachtingsvolle ouders en rebellerende kinderen, echte en verbeelde landschappen en werkelijkheid.
Pauline Slot woont en werkt in Dordrecht.

Bibliografie
1999 Zuiderkruis (roman)
2000 Blauwbaard (roman)
2001 Tegenpool (roman)
2007 De inwendige (roman)

Belangrijk!
De verslagen op Scholieren.com zijn bedoeld als naslagwerk. Lever nooit verslagen van internet zomaar bij je leraar in. Je bent zelf verantwoordelijk voor de gevolgen van dit soort fraude.

Wij krijgen de verslagen van scholieren. Hierdoor kan het gebeuren dat er foute informatie online staat. Gebruik geschiedt dus op eigen risico. Kom je een fout tegen? Laat het ons weten.

zoeken
geef je mening: Vuurwerkverbod

Er gaan stemmen op voor een vuurwerkverbod met Oud & Nieuw. Vuurwerk zou alleen nog mogen afgestoken worden door professionals. Goed idee of niet?


Onzin, laat mij lekker knallen!

Prima idee. Vuurwerk zorgt voor te veel ongelukken, milieuvervuiling en bange dieren. Afschaffen dus!

Geen mening.


» resultaten

nieuwsbrief

Elke maand onze nieuwsbrief in je mailbox?