Scholieren.com vernieuwd! Kun je niet wennen? Oude site.

Waar gaat jouw geld allemaal aan op? Heb jij een gat in je hand? Of ben je juist een spaarder? Heb jij een bijbaantje of heb je die extra inkomsten niet nodig?

Doe mee aan het Scholierenonderzoek van het Nibud en steun zo kinderen in arme landen! Het invullen duurt ongeveer een kwartiertje.

Geschreven door:

Annatar

Datum ingestuurd:

1 februari 2005

Taal:

Nederlands

Woorden:

2560

Opvragingen:

5877 (25 deze maand)

Waardering:

4.2/5 (50 stemmen)

The Fellowship of the Ring

Eerste Boek

Het verhaal begint in de Gouw; een mooie, rustgevende streek in Midden – Aarde. Het is het jaar 1401 (Gouwtelling) in de Derde Era, als De Hobbit Bilbo Balings zijn honderdenelfde verjaardag viert. Dit is erg oud, ook voor een hobbit. Hobbits zijn kleine personen, een beetje mollig, die van lekker eten of een pijp roken houden. Hij besluit na een leven met verschillende avonturen nog één keer op reis te gaan en niet meer terug te keren naar Hobbitstee (gebied in de Gouw). Hij laat zijn hele bezit, inclusief zijn huis Balingshoek, na aan zijn neefje Frodo Balings.

Ook krijgt Frodo de magische ring van zijn oom. De tovenaar Gandalf, een vriend van de familie, komt erachter dat de ring de Ene Ring is. Hij werd in de Tweede Era gesmeed door de Duistere Vorst Sauron, met het doel om alle rassen in Midden – Aarde te onderwerpen aan zijn heerschappij. Hij werd verslagen en zijn geest dwaalde rond terwijl de ring in vergetelheid raakte. Tot de ring werd gevonden door De Hobbit Sméagol. Sméagol wordt verteerd door de ring, terwijl deze zijn leven verlengt. Hij wordt steeds afstotelijker en lelijker en hij krijgt een dubbele persoonlijkheid, genaamd Gollum. Dan komt hij Bilbo tegen. Ze doen een raadselspelletje met als inzet de Ring en zo krijgt Bilbo de ring in handen. Daarna werd Gollum gevangen genomen door de vijand en gemarteld totdat hij de twee woorden riep: ‘Gouw! Balings!’

Nu de vijand weet waar de Ring zich bevindt, moet er snel gehandeld worden. Gandalf raadt Frodo aan zijn huis te verkopen en dat hij moet doen alsof hij verhuist, zodat hij zonder veel argwaan te wekken, de Gouw kan verlaten. Zelf gaat Gandalf naar de tovenaar Saruman, de machtigste tovenaar van Midden – Aarde, om hem om raad te vragen. Hij zegt tegen Frodo dat hij moet wachten met verhuizen tot aan zijn verjaardag en dan moet vertrekken naar het plaatsje Breeg. Daar zullen ze elkaar weer ontmoeten in de herberg de Steigerende Pony en dan zal Gandalf, die dan een goeie raad van Saruman rijker is, beslissen wat er verder zal gebeuren. Een mooie planning maar het gaat iets anders in de realiteit.

Frodo gaat op weg met vier andere metgezellen; Sam Gewissies, zijn tuinman en beste vriend; Meriadoc Brandebok en Peregrijn Toek, ook wel Merijn en Pepijn genoemd, twee achterneven van Frodo. De vijfde van het gezelschap is Dikkie Burger, een vriend van Frodo, die hun aftocht zal dekken. Vanuit de gouw gaan ze richting het Oude Woud. Dit is wel een heel stuk om maar Gandalf raadde hen aan niet via de gewone wegen te gaan. Onderweg merken ze waarom. Ze komen namelijk een ruiter tegen, helemaal in het zwart. Zijn gezicht is niet te zien en het paard heeft rode ogen. Ze weten zich net op tijd te verstoppen, want ze hebben door dat dit geen ruiter met goede bedoelingen is. Ze zien nog een paar keer Zwarte Ruiters en uiteindelijk besluiten ze om even uit te rusten. Merijn en Pepijn vallen in slaap tegen een boom en opeens worden ze helemaal weggetrokken in de wortels van de boom. Frodo en Sam zijn ten einde raad totdat er een vrolijke kleine man verschijnt. Hij stelt zichzelf voor als Tom Bombadil. Hij zingt een liedje, de boom ontspant zijn wortels en zo bevrijdt hij Merijn en Pepijn. Voor een paar dagen verblijven ze in het huis van Tom Bombadil. Hij geeft hun als geschenk een liedje mee die ze moeten zingen als ze in nood zijn. Ze gaan verder en ze komen bij de Grafheuvels. Hier dwalen oude geesten rond en als Frodo op een ochtend wakker wordt, is iedereen ineens weg. Hij is ten einde raad en besluit het liedje van Tom Bombadil te zingen. Tom komt Frodo te hulp en hij weet zijn vrienden voor de tweede maal te bevrijden.

Met veel moeilijkheden komen ze uiteindelijk toch in Breeg aan. Het is een kleine stad waar vooral grote lieden wonen. Ze gaan naar de herberg en Frodo meld zich aan als “mijnheer Onderheuvel” maar ze treffen geen Gandalf aan. Ze besluiten om gewoon te wachten en te zien wat er gebeurt. Als Pepijn een paar biertjes opheeft word hij wel erg gezellig en hij begint bijna over de Ring, dus besluit Frodo, om de situatie te redden een lied te gaan zingen. Onbewust laat hij zijn hand in zijn zak glijden en hij doet de Ring om. Voor de ogen van alle mensen verdwijnt hij. Als hij de Ring oppakt wordt hij door iemand meegesleurd naar een kamer. De man onthult zich als Stapper. Hij zegt dat hij Frodo raad wil geven en wil helpen. Maar in ruil daarvoor wil hij met de hobbits meereizen. Op dat moment brengt de waard een brief van Gandalf waarin staat dat Stapper te vertrouwen is en dat zijn echte naam Aragorn is. Voor Frodo is dit voldoende en hij stemt erin toe dat Aragorn met hun meegaat.

Aragorn legt uit dat de Zwarte Ruiters die ze tegenkwamen de Nazgűl heten en dat ze ooit grote mensenkoningen waren. Maar toen gaf Sauron hen de negen ringen van macht. Verblind door hun hebzucht namen ze de ringen aan. Maar het hart van een mens is makkelijk te corrumperen. Eén voor één werden ze slaven van Sauron en nu zijn het geesten, niet levend en niet dood. Altijd voelen de Nazgűl de aanwezigheid van de Ring.

Doordat Frodo de ring omdeed wisten de Nazgűl nu waar Frodo zich bevindt en ze hadden inmiddels Breeg bereikt. Maar Aragorn had een valstrik bedacht doordat het leek alsof de hobbits in hun bed lagen terwijl ze eigenlijk bij Aragorn op de kamer zijn. De Nazgűl, woedend over de valstrik rijden Breeg uit en maken in de omgeving de boel onveilig. Aragorn neemt de vier hobbits mee de wildernis in. Via de het Muggenmeer bereiken ze Weertop waar de ruďne van de wachttoren van Amon Sűl staat. Terwijl Aragorn de omgeving gaat verkennen, gaat Frodo slapen. Hij wordt wakker door het geknetter van vuur. De andere hobbits hebben een vuur gemaakt om wat te eten. Maar het vuur is op een paar mijlen afstand nog steeds goed te zien. Wanhopig maakt Frodo het vuur uit maar het is al te laat. Een afgrijselijke schreeuw verstoort de nachtrust. De Nazgűl komen dichterbij en de hobbits vluchten naar het midden van de ruďne. De hobbits weren zich dapper maar het is niet genoeg. Frodo’s drang om de Ring aan te doen wordt enorm en hij geeft zich eraan over.
Als hij de Ring omdoet ziet hij de ware gedaante van de Nazgűl; magere skeletten met
puntige kronen en lange, versleten gewaden. De leider van de Nazgűl, de Tovenaar – Koning, pakt zijn dolk en steekt Frodo in zijn schouder. Op dat moment komt Aragorn te hulp en verjaagt de Nazgűl.

Aragorn neemt Frodo mee en gaat richting Rivendel, het laatste Huiselijk Huis van de Elven. Het is het huis van de elf Elrond. Onderweg naar Rivendel komt Aragorn de elf Glorfindel tegen. Deze bied aan om vast vooruit te gaan samen met Frodo op zijn paard, aangezien de toestand van Frodo kritiek is. Samen met Frodo gaat Glorfindel in volle galop richting Rivendel, maar de Nazgűl zit hem op de hielen. Glorfindel steekt snel de rivier de Voorde over en net als de Nazgűl hetzelfde willen doen komt er een enorme vloedgolf aan in de vorm van allemaal paarden en de Nazgűl worden weggespoeld. Op dat moment verliest Frodo zijn bewustzijn.

Tweede Boek

Frodo wordt wakker in Rivendel en Gandalf zit naast hem. Hij vertelt Frodo dat hij nu in het huis van Elrond is en dat de raad bij elkaar komt om te vergaderen. Hier moet Frodo ook aanwezig zijn.

In Rivendel worden een paar dingen voor Frodo duidelijk. De geschiedenis van de Ring en van Aragorn bijvoorbeeld. In de tweede Era toen Sauron Midden – Aarde terroriseerde, waren er groepen die in opstand kwamen. Er vormde zich een laatste Bondgenootschap tussen Elven en Mensen. De Mensen stonden onder leiding van koning Elendil. De elven stonden onder leiding van de elfenkoning Gil – Galad. Het bondgenootschap voert eerst een heftige strijd voor de Murannon, de Zwarte Poort, waar al velen sneuvelen. Maar Elendil en Gil – Galad weten de vijand terug te drijven tot aan de Doemberg. Uiteindelijk komt Sauron ook het slagveld op als hij ziet dat zijn troepen op het punt staan om te verliezen. Hier dood hij
Gil – Galad met zijn dodelijke adem. De mensenkoning Elendil stormt, bij het zien van de dood van zijn goede vriend, op Sauron af en Sauron smijt hem met een geweldige klap tegen de rotsen. Het zwaard van de koning, genaamd Narsil, breekt onder zijn rug. De zoon van de koning, Isildur, pakt het gebroken zwaard op en hakt de vinger met de ring van Saurons hand. Sauron wordt verslagen en Isildur heeft de kans om de Ring te vernietigen op de plaats waar deze gemaakt is, namelijk de Doemberg. Maar mensen worden makkelijk verleid door de Ring en Isildur besluit om de Ring te houden.
Hij wordt in een hinderlaag gelokt door Orks. Hij doet de Ring om en hij springt in het water, maar de Ring glijdt van zijn vinger en hij wordt neergeschoten door Orks. Toen werd de lijn der koningen verbroken en sindsdien zijn er in het koninkrijk Gondor geen koningen meer geweest. In plaats daarvan zijn er stadhouders, die de troon “bewaken”. Maar er is nog een erfgenaam van Elendil en dat is Aragorn. Hij kan de troon van Gondor opeisen en de mensen weer verenigen, maar hij wil dit niet, omdat hij bang is te falen net zoals Isildur. In Rivendel wordt het zwaard van Elendil opnieuw gesmeed tot het zwaard Andůril. Dit zwaard, dat alleen gehanteerd kan worden door de rechtmatige koning van Gondor, kan Aragorn helpen in zijn strijd tegen het kwaad.

Maar Aragorn is niet de enige die een keus moet maken, want hij is verliefd op de elf Arwen. En alle Elfen gaan naar de Onsterfelijke Landen. Maar Arwen wil bij Aragorn blijven en ze wil zelfs haar onsterfelijkheid daarvoor afleggen.

Ook komt Frodo erachter waarom Gandalf niet bij hun was in Breeg. De tovenaar Saruman heeft zich aangesloten bij Sauron en hij hield Gandalf gevangen boven op zijn toren Orthanc. Maar Gandalf ontsnapte op de rug van een adelaar (groter dan de adelaar die wij kennen). Intussen heeft Saruman zijn hele land omgebouwd tot een grote fabriek, waar hij zijn Orks kweekt en wapens smeedt. Ook heeft hij een nieuw ras gecreëerd, door Orks met Aardmannen te kruisen. Het nieuwe, geperfectioneerde ras heet Uruk – Hai. Deze kunnen zich snel voort bewegen en, wat de gewone Orks niet kunnen, in daglicht lopen

Bij de Raad van Elrond word besloten dat er een reisgenootschap samengesteld zal worden om de Ring helemaal naar de Doemberg in Mordor te brengen om de Ring te vernietigen, bestaande uit de hobbits Frodo, Sam, Merijn en Pepijn, de tovenaar Gandalf, de mensen Aragorn, zoon van Arathorn en Boromir, zoon van de stadhouder van Gondor, de elf Legolas, zoon van koning Thranduil en de dwerg Gimli, zoon van Gloin.
Frodo krijgt vlak voordat ze vertrekken van zijn oom Bilbo (die naar Rivendel is gegaan om daar zijn boek af te maken) een zwaard genaamd Sting. Deze heeft de speciale eigenschap dat hij blauw gloeit als er Orks in de buurt zijn. Ook krijgt hij een maliënkolder gemaakt van het metaal Mithril. Mithril staat bekend om zijn stevigheid, want hij is nog sterker dan drakenschubben.
Op vijfentwintig december vertrekt het Reisgenootschap uit Rivendel.

De bedoeling is om vanaf Rivendel af te zakken naar het zuiden. Aan hun linkerhand is er een bergketen waar maar één doorgang is: de Kloof van Rohan. Er is alleen één probleem, vlak naast de Kloof ligt Orthanc, de toren van Saruman. Het Reisgenootschap neemt de gok dat deze nog niet wordt bewaakt maar als ze onderweg een groep Crebain (zwarte vogels) tegenkomen, weten ze dat de doorgang wordt bewaakt. Er wordt besloten dat ze niet verder afzakken naar het zuiden maar dat ze de bergen over gaan. Geteisterd door sneeuwstormen en wolven wordt besloten om niet over de berg Cardhras te gaan maar eronder door. Ze gaan door de mijnen van Moria. Ze komen bij de poort van Moria waar er een raadsel op de deur staat; “spreek, vriend, en treed binnen”. Eerst denken ze dat het betekent als je een vriend bent dat je dan een wachtwoord moet spreken om binnen te komen. Maar na een aantal pogingen komt Gandalf erachter dat het betekent dat je “vriend” in het Elfs moet zeggen. Terwijl de deur met veel moeite opengaat, komen er verscheidene tentakels uit het water en het Reisgenootschap wordt opgeschrikt door de Wachter van het Water, een inktvisachtig dier.
Het Reisgenootschap vluchten de grotten in en de poort achter hun stort in. Binnen in de grotten, waar normaal de Dwergen zouden wonen vinden ze allemaal lijken en ze beseffen dat de Orks flink hebben huisgehouden.

Aangezien de poort is ingestort rest hun geen andere keuze dan de mijnen door te gaan. Wat ze niet weten, is dat Gollum hun in de grotten achtervolgd. Ze komen bij een graftombe waar ze ontdekken dat Gimli’s neef Balin hier begraven is. Op dat moment worden ze aangevallen door Orks en een reusachtige grottrol. Ze weten hen te verslaan en ze vluchten naar de uitgang van Moria. Maar als ze vlak bij de brug zijn komt er een groot, monsterlijk beest van steen en vuur achter hun aan. Het is een balrog. Toen de Dwergen eens naar Mithril aan het graven waren lieten ze deze Balrog per ongeluk ontwaken en deze maakt de grotten nog steeds onveilig. Lange tijd kunnen ze de Balrog voor blijven maar als ze bij de Brug van Khazad-Dűm aankomen besluit Gandalf het op te nemen tegen de Balrog. Hij slaat met zijn staf geweldig hard op de brug en als de Balrog een poot op de brug zet stort dat stuk in elkaar en valt de Balrog de zwarte diepte in. Op het moment dat Gandalf zich omdraait slaat de Balrog zijn zweep van vuur om de enkels van Gandalf en sleurt hem mee de diepte in.

Verbitterd van verdriet verlaat het Reisgenootschap Moria en vlucht naar het nabij gelegen elfenbos Lothlorien. Ze worden ontvangen door Celeborn en Galadriel de Heer en Vrouwe van Lothlorien. Frodo mag in de spiegel van Galadriel kijken en ziet dat de Gouw in puin ligt en hij wil meteen terug gaan, maar Galadriel vertelt hem dat als hij terug zal gaan dat dat juist gaat gebeuren. Daarna biedt Frodo Galadriel de Ring aan en Galadriel ondergaat de test en slaagt door de Ring te weigeren.

Beladen met geschenken en flinke ladingen Lembas (elfenbrood) vertrekt het Reisgenootschap over de rivier met boten uit Lothlorien. Ze zakken met de rivier af naar het zuiden en ze leggen hun boot aan bij Amon Hen. Hier worden ze overvallen door de Uruk – Hai (de geperfectioneerde Orks) en Boromir komt om. Vlak voor zijn dood probeert Boromir nog de Ring van Frodo af te nemen en Frodo besluit alleen verder te gaan en Sam gaat met hem mee. Ze zetten hun route voort via de Emyn Muil een onherbergzame bergketen die hun naar verdere onbekende avonturen zal leiden…

Belangrijk!
De verslagen op Scholieren.com zijn bedoeld als naslagwerk. Lever nooit verslagen van internet zomaar bij je leraar in. Je bent zelf verantwoordelijk voor de gevolgen van dit soort fraude.

Wij krijgen de verslagen van scholieren. Hierdoor kan het gebeuren dat er foute informatie online staat. Gebruik geschiedt dus op eigen risico. Kom je een fout tegen? Laat het ons weten.