Waar gaat jouw geld allemaal aan op? Heb jij een gat in je
hand? Of ben je juist een spaarder? Heb jij een bijbaantje of heb je die extra inkomsten niet nodig?
Doe mee aan het Scholierenonderzoek van het Nibud en steun zo kinderen in arme landen!
Info over dit verslag
Geschreven door: | |
Niveau: | 4VWO |
Kwaliteit: | ![]() ![]() ![]() ![]() |
Waardering: | ![]() ![]() ![]() |
Taal: | Nederlands |
Woorden: | 3283 |
Opvragingen: | 73 |
Hulpmiddeltjes
Waardering
Gemiddelde waardering: 3 uit 5 (40 stemmen)
Titels van Kader Abdolah
De adelaars (6) 1993 De boodschapper (1) 2008 De koran (0) 2008 De meisjes en de partizanen (2) 1995 De reis van de lege flessen (19) 1997 Het huis van de moskee (6) 2005 Portretten en een oude droom (3) 2003 Spijkerschrift (18) 2000
Laatst gewijzigd op 25 januari 2005
1: Boekgegevens
Het boek dat ik heb gelezen is Portretten en een oude droom van Kader Abdolah. Het boek heeft 182 bladzijden. De eerste druk van het boek was in 2003 en het is nog niet herdrukt. De uitgever is De geus.
2: Mijn motivatie voor de keuze van dit boek
Ik wilde heel graag een boek van Kader Abdolah lezen. Omdat ik van mijn moeder hoorde dat hij zulke mooie boeken schrijft. En mijn nicht raadde het me ook aan. Ook omdat ik zijn columns in de Volkskrant af en toe lees en die dan heel duidelijk vind was ik nieuwsgierig naar hoe zijn boeken zouden zijn. In eerste instantie wilde ik Spijkerschrift gaan lezen. Omdat je mensen daar nou eenmaal veel over hoort. Maar ik kwam er niet door heen. Het verhaal sprak me denk ik niet genoeg aan. Ik ben in ieder geval na het eerste hoofdstuk gestopt met lezen. En toen zag ik beneden in de boekenkast dit boek staan. En de titel en de omslag van dit boek spraken me aan. Dus toen ben ik hier in begonnen. En dit verhaal was wel iets waar ik me in kon verplaatsen.
3: Samenvatting
Dawoed een Perzische journalist, die al meer dan tien jaar in Amsterdam woont, reist door zuid Afrika. Hij reist met een aantal mensen samen. Het doel van de reis is rondtrekken door zuid Afrika maar vooral lezingen geven. En de vrouwen waarmee hij samen reist lezen gedichten voor. Het is niet lang na de onafhankelijkheid, en het doel van de lezingen en de gedichten is mensen met taal in contact brengen. Op alle plaatsen waar hij namelijk lezingen moet houden zijn ook Afrikaanse vrouwen die zuid Afrikaanse gedichten voor lezen. Het grootste deel van de gedichten die in het boek voorkomen zijn dan ook zuid Afrikaans.
Het boek zelf word het grootste deel verteld door Attar. Een Perzische jongen die ter dood veroordeeld is. Attar was een van Dawoeds vijf vrienden. Zijn vijf vrienden van vroeger. Sorájja, Froeg, Malek, Roemi en Attar. Drie van die vijf vrienden zijn dood. Namelijk Sorájja, Malek en hij Attar. Ze waren vrijheidsstrijders in Perzië. De drie die dood zijn ter dood veroordeeld en de andere twee hebben een hele lange gevangenisstraf achter de rug.
Als Dawoed op reis is in zuid Afrika voelt hij steeds de aanwezigheid van zijn vrienden. En net als vroeger als hij op reis was geweest verteld hij ze zijn verhaal. Alleen nu niet in een keer. Maar iedere avond verteld hij zijn vrienden wat hij heeft meegemaakt die dag. Zijn vrienden luisteren naar hem, maar gaan zelf ook op onderzoek uit om van het leven te proeven waar het voor hun is opgehouden.
Het verhaal begint bij Dawoed die in het vliegtuig zit, van Amsterdam naar zuid Afrika. Naast hem zit een Engelsman en hij voelt zich totaal niet thuis in het vliegtuig. Omdat het niet is zoals het vroeger was als hij op reis ging. Vroeger was alles armoedig en simpel. Nu komt er om het halfuur een stewardess die hem keer op keer vraagt of hij wat te drinken of te eten wil. In zuid Afrika aangekomen voelt hij zich schuldig. Want zo gauw hij zijn voeten op de grond zetten voelde hij zich er thuis. Er waren bergen en simpele kleine huizen. Maar hij voelt zich schuldig tegen over Nederland. De twaalf jaar dat hij daar woonde dacht hij namelijk dat hij zich daar thuis voelde. Maar nu komt hij tot de conclusie dat hij er twaalf jaar als vreemdeling gewoond heeft.
Eenmaal in zuid Afrika aangekomen word het weer een beetje zoals vroeger. Vanuit zijn hotel kamer kan hij een berg zien liggen, en net als vroeger wil hij hem beklimmen. Dat het op het heetst van de dag is kan hem niet schelen. Hij rent naar de voet van de berg maar onderweg komt hij steeds meer dingen tegen die hem er op wijzen dat hij niet meer is zoals vroeger. Vroeger liep hij een rivier in om naar de overkant te komen zonder zich af te vragen of het gevaarlijk was. Nu staat hij een half uur aan de rand van de rivier te twijfelen. Vroeger was hij niet bang voor een zwerm muggen. Nu wil hij haast terug naar het hotel gaan omdat hij onderweg zoveel muggen tegen komt. Maar hij dwingt zichzelf de berg op te klimmen. En als hij op de top aan is gekomen is hij blij dat hij zichzelf gedwongen heeft.
Op die avond voelen zijn vijf vrienden zich ook weer tot leven komen. Ze beklimmen de berg en doen alles wat ze vroeger ook deden.
De dag daarna ontmoet hij Sophia, Sophia zal in de rest van het verhaal ook nog een richtlijn blijven want hij ziet haar overal of denkt haar overal te zien. Sophia is een zuid Afrikaanse dichteres die dicht in het zuid Afrikaans.
Ook ontmoet hij die dag Ellen. Ook een dichteres. Hij verteld zijn vrienden over haar en ze willen haar ontmoeten. Ze wilden haar ontmoeten omdat ze zo jong waren toen ze stierven dat ze nooit echt van de liefde hadden kunnen proeven. En vroeger in het oude land, sprak Dawoed nooit zo open. Zijn vrienden merkten dat hij veranderd was. Want een Pers spreekt gesluierd. En Dawoed vertelde alles. Dus ze wilden de mensen zien die hem hier toe brachten.
Die nacht komen Malek, Attar en Roemi wel een vrouw tegen. Maar het is niet Ellen of Sophia. Maar het is weer en van die dingen waardoor ze zich levend voelen. Ze praten de hele nacht over poëzie en ze drinken wijn en roken sigaretjes.
In zuid Afrika komen steeds meer dode mensen ’s nachts bij Dawoed opbezoek, allemaal mensen van vroeger. Bijvoorbeeld de kruidenier die vroeger bij hem in de straat woonde. De nacht daarna kwamen alle gesluierde vrouwen uit zijn oude straat bij hem zijn kamer in. En daarna verschenen zijn vijf vrienden. Dat was het moment waarop Dawoed echt merkte dat zijn oude vrienden met hem mee reisden.
Op een avond al verderop in de reis, komt Dawoed Sophia weer tegen. Eigenlijk wil hij die avond met haar naar het café maar omdat dat niet gaat, gaan zijn vijf vrienden in zijn plaats de stad in. Ze komen in een cafeetje waar de jongens apart van de meisjes gaan zitten. Allemaal drinken ze alcohol behalve Roemi. Want voor dat hij in de gevangenis kwam was hij al een beetje gelovig. Maar in de gevangenis had hij helemaal een angst voor god gekregen en wilde hij alles doen om goed te zijn. Die nacht sliepen ze heerlijk, maar allemaal droomde ze vreemd. Allemaal behalve Roemi, want hij had geen alcohol gedronken. Attar had gedroomd over de vrouw van de oude Kruidenier. Sorájja over zwarte handen en witte tanden. Malek droomde over vogels die stenen gooiden naar hem en hij vluchtte naar een oude boerderij. En Froeg droomde over vliegen op de rug van een kameel.
Ondertussen is Dawoed in het volgende plaatsje aangekomen. Als hij daar een lezing moet houden in de Universiteit komt er niemand opdagen. Uiteindelijk komt er een meisje binnen. Maar ze kwam niet om te luisteren. Ze wilde met hem praten. Want zij is ook een Pers en ze wil zo graag praten met iemand die uit haar land komt. En ze vraagt hem of hij bij haar vader langs wil gaan. Want ook hij heeft al zolang niemand van zijn eigen volk meer gesproken. Maar Dawoed is te druk daarom gaan zijn vrienden voor hem. De vrouw van de man is kapster. En ze voelen zich daar thuis. Sorájja wil met alle geweld de kapsalon zien. En als ze terug komt heeft de vrouw niet alleen haar haar kapsalon laten zien , maar de heeft Sorájja ook opgemaakt en haar haar geknipt. Die avond komen de andere vrienden er achter waarom. Die avond zal Sorájja hen verlaten. Ze heeft een jongen ontmoet, en met hem gaat ze weg. Dan blijven de vrienden nog maar met 4 over.
2 dagen daarna komen de 4 overgebleven vrienden aan bij een boerderij. Natuurlijk kunnen ze niet aan bellen. Maar ze verkennen het terrein. En helemaal achter af gelogen vinden ze een oude schuur met een klein vervallen uit boerderijtje. In een andere schuur stonden struisvogels. Daar waren ze heel erg van geschrokken. Malek zou graag daar bij die boerderij blijven. Zijn handen jeuken om aan het werk te beginnen wat er voor hem klaar ligt. Maar hij is bang dat hij het lichamelijk niet aan zal kunnen, omdat hij nog altijd last heeft van de schot wond op zijn rug.
De volgende ochtend na het slapen is Malek verdwenen. Froeg denkt dat hij nog terug zal komen, maar Attar weet dat hij voorgoed is verdwenen.
De laatste paar dagen van de reis breken aan. En Dawoed is in de laatste kleine stad aanbeland, waar hij lezingen zal geven. Het gerucht gaat dat Mandela ook zal komen. Maar niemand geloofd het echt. Uiteindelijk is het toch echt zo dat hij komt. Dawoed verblijft bij een Afrikaans gezin waarvan de vrouw na de apartheid zo graag een hotelletje wil beginnen. Ze doet er alles aan hem op het gemakt te laten voelen. Daar in dat huis denkt hij heel erg veel na over de apartheid en vraagt zich af omdat hij zoveel voorbeelden daarvan op zijn reis gezien heeft, hoelang het zal duren voordat de apartheid ook echt uit de mens is. Want het mag dan wel afgeschaft zijn maar het is overal nog te merken. Want het zijn nog steeds de zwarte mensen die arm zijn en de witte mensen die rijk zijn en bevelen uit delen.
Die nacht droomt Froeg over Mandela. Ze heeft met hem gepraat. Over haar tijd in de gevangenis over de moeilijkheden waar ze tegen aan loopt. En hij heeft haar geholpen. Ze heeft het gevoel dat ze haar leven waar aanzal kunnen zonder haar oude vrienden, en met de last van alle dingen die ze heeft meegemaakt.
De laatste dag van de reis brak aan. Froeg wilde naar huis. En ook Roemi was blij dat hij weer naar huis kon. Maar Attar was bang. Bang dat hij weer terug naar zijn graf zou moeten. Malek had zijn boerderij gevonden. En Sorajja had een man gevonden om bij te blijven. Maar hij, hij wilde nog niet weg. Er was nog zoveel in dit leven wat hij nog mee wilde maken.
Dawoed had hun die avond een mythe verteld. Volgens die mythe waren struisvogels eerst jonge kamelen geweest. Maar die wilde zo graag vliegen. Dat ze op een nacht vleugels kregen. Ze vlogen naar Afrika maar toen ze landen konden ze niet meer vliegen. Hun vleugels waren gekrompen.
De avond brak aan en Froeg Roemi en Attar zaten nog steeds op de rots. Ze wisten dat ze zo weg moesten, maar eigenlijk wilden ze niet. Op dat moment hoorden ze achter zich vreemde geluiden. En het veld stond helemaal vol met struisvogels. Ze wisten dat het tijd was om te gaan. En Attar hielp eerst Froeg en Roemi op een struisvogel, maar zelf wilde hij blijven. Dus hij bleef staan. Tot opeens de vogels weg vlogen. En hij wist dat het hem gelukt was. Hij mocht blijven.
4: Analyse van het boek
Personages:
Dawoed, Dawoed is het persoon die de reis maakt. Maar ik denk niet dat het echt de persoon is waar het evrhaal omdraait. Het verhaal draait voor mijn gevoel niet om personen, maar om belevenissen. Dawoed is een journalist. Overal waar hij komt noteert hij alles. Hij onthoud alles. Maar hij draagt ook een grote last met zich mee. De last van zijn vijf vrienden. Hij voelt zich ook een beetje schuldig. Want 3 van zijn vrienden zijn dood en 2 hebben zo lang in de gevangenis gezeten. Terwijl hij de gene tegen wie ze opkeken heeft kunnen doen wat hij wilde.
Attar is de persoon die het hele verhaal eigenlijk schrijft. Hij is dood. Maar in het verhaal komt hij heel erg weer tot leven. En je zou niet denken dat hij dood was. Ook omdat hij het verhaal begint met Salam ik ben Attar. Ik zit in de keuken en mijn vrouw Rosalina heeft me net een kop koffie gebracht. Zij is de gene waardoor ik weer leef. Rosalina is een vrouw die Dawoed op zijn reis heeft ontmoet. En toen hij daarover vertelde wilde Attar haar heel graag leren kennen. Attar is een van de vijf vrienden. Hij heeft de doodstraf gekregen. Ze wilde hem in de gevangenis laten geloven. Maar hij vertikte het. Helemaal toen hij hoorde dat Sorájja was vermoord. Dat is ook de reden waarom hij nooit strafvermindering heeft gekregen en geëxecuteerd is. Hij is een vechter.
Roemi is ook een van de vijf vrienden. Hij heeft 11 jaar in de gevangenis gezeten. Daar voor was hij een beetje gelovig maar in de gevangenis moest hij heilige teksten uit het hoofd leren. Hij is een zwijgzame man. Hij was een goede jongen en een betrouwbare vriend. Maar hij is nu gebroken door die jaren gevangenis. Toen hij gearresteerd werd was hij net getrouwd. Toen hij uit de gevangenis kwam wist hij niet meer wat te doen. Hij is toen een keer bij Attars graf gaan zitten en heeft hem zijn verhaal verteld. Een maand later kwam hij lachend terug. Zijn vrouw was zwanger en ze zouden een dochtertje krijgen. En een hele tijd later, kwam hij weer huilend. Want zijn dochtertje was doof.
Sorájja. Sorájja word niet heel erg duidelijk in het boek beschreven. Ze is gedood door een hele harde klap in haar buik. Ze zat in de gevangenis en is toen op een nacht door een bewaker heel erg hard in haar buik gestompt en dood neergevallen. Sorájja was vroeger de mooiste van de universiteit waar ze op zaten. Haar make-up tasje ging overal met haar mee.
Froeg word ook niet duidelijk beschreven. Ze is een van de vijf vrienden. En ze heeft 15 jaar in de gevangenis gezeten. Ze is een stil persoon.
Malek was Attars beste vriend. Ze konden bij elkaar huilen. Ook hij is dood. Gedood door een kogel in zijn rug afgevuurd door een politie agent toen hij uit het raam dook om te vluchten. Hij gaat later op de boerderij leven. Tenminste zo zeggen ze het in het boek. Want als je dood bent kun je niet terug keren.
Spanning:
In het boek zit geen spanning. Het is gewoon een lang verhaal. Wel een heel erg mooi verhaal. Maar het is niet echt dat het echt eng word of dat je, je afvraagt van wanneer gebeurd er iets dat alles anders word. Maar je blijft je wel steeds afvragen wat gaan ze doen en wat maken ze mee.
Tijd en Ruimte:
Het verhaal speelt zich af in zuid Afrika. Niet lang na de afschaffing van de apartheid. Het speelt zich steeds af in verschillende dorpjes en steden daar. Maar er word ook terug gekeken naar de tijd in Perzië. En ieder hoofdstuk begint met een stukje van een oude Perzisch reisverhaal.
Thema:
Een thema wat heel vaak in dit boek terug komt is de apartheid. Dawoed verbaast zich er steeds over hoe mensen op elkaar reageren en betrapt zich er zelf ook soms op dat hij de neiging heeft zich als een Sir (rijke blanke) te gedragen.
Natuurlijk speelt het thema van de strijders in Perzië ook een grote rol. Want dat is waarom de vijf vrienden door zijn of zolang gevangen hebben gezeten.
Titel:
Portretten en een oude droom is een hele duidelijke en goede titel voor dit boek. Portretten slaat op het feit dat Dawoed overal waar hij komt en van alle mensen die hij ontmoet dingen wil weten. Hij maakt portretten in zijn hoofd van die mensen om het ’s avonds te kunnen vertellen aan zijn vrienden. En om ze te onthouden voor later.
En een oude droom slaat op de vijf vrienden. Ze wilde allemaal altijd al reizen maar ze waren al dood of zo erg toegetakeld voor dat ze er aan konden beginnen. Wat ook een oude droom van ze was, was om nog een keer met zijn zessen samen te kunnen zijn. En die twee dingen hebben ze nu gedaan. Ze zijn op reis geweest en zijn nog voor een laatste keer samen geweest.
Perspectief:
Het verhaal is geschreven vanuit de ogen van Attar en vanuit de ogen van Dawoed. Maar meestal vanuit de ogen van Attar. Alleen als hij het echt nodig vind laat hij Dawoed een stukje van die dag vertellen. Maar het grootste deel van het verhaal draait om die vrienden en dus om Attar. Wie ze gevraagd hebben het verhaal te schrijven. En er zitten ook waargebeurde dingen bij. Want Kader Abdolah heeft dit boek geschreven na een reis die hij zelf gemaakt heeft naar zuid Afrika. Misschien is het verhaal niet zo zeer waar gebeurd. Maar er zitten zeker heel erg veel indrukken van hem tussen die hij van zuid Afrika heeft.
5: Mijn mening over het boek
Ik vond het echt een heel erg mooi boek. Het was wel flink ingewikkeld in het begin. Want hoe kan het nou dat drie vrienden opeens tot leven komen en dat twee vrienden van uit een heel andere land opeens daar zijn. Maar het went. Want natuurlijk blijft het raar, maar het word op een vreemde manier normaal. Je vraagt je ook niet meer af waarom Sorájja bijvoorbeeld opeens met een man mee gaat terwijl ze dood is. Of waar Malek opeens heen gaat. Of waarom Attar uiteindelijk niet terug naar zijn graf gaat. Natuurlijk heb ik daar aan het eind nog wel over nagedacht toen ik het boek uit had. En ik denk dat het meer om de boodschap gaat die er achter zit. En dat zal voor de meeste mensen vast niet dezelfde boodschap zijn. Voor mij was het meer zoiets van dat de drie dode vrienden nog niet genoeg herinneringen bij mensen achter hadden gelaten om echt dood te kunnen gaan. Maar dat ze op die reis in het hoofd van Dawoed zoveel mee maakte dat het voor ze een voor een genoeg was. En dat ze verder konden leven in de hoofden van anderen.
In het begin snapte ik ook niet helemaal hoe het nou kon dat Dawoed zo met die vijf vrienden zat. Maar aan het einde van het boek verteld hij aan Chris een man met wie hij samen reist op een gegeven moment dit, als hij terug komt van een wandeling die hij heel verdrietig gemaakt heeft:
De vrijheid die ik nu heb, verdien ik niet. Ik heb geen recht op deze reis. De liefde die Afrika aan me gegeven heeft, heb ik niet verdiend. Al die schoonheid die ik meegemaakt heb, is niet mijn deel. Op de weg die ik voor mijn leven koos, heb ik een paar van mijn vrienden en dierbaren verloren. Ze waren jonger dan ik en ze keken tegen mij op. Ze volgden de weg die ik gekozen had. Zij werden gearresteerd. Maar ik niet, ik kon wegvluchten. Drie van hen werden gedood en twee van hen moesten lange tijd gevangen zitten. Ik voel me schuldig en dit schuldgevoel laat me niet los. Ik denk altijd aan hen. Hier in Zuid-Afrika, waar ik ook loop, lopen die vijf vrienden met mij mee. Wat ik ook drink, ze drinken met mij mee. Ze gaan mee, ze doen mee op deze reis. Soms heb ik geen controle meer over hen. Ze gaan op hun eigen manier op pad. Ze gaan dingen bezichtigen die ik zelf niet kan bezoeken. Aan de ene kant ben ik verdrietig, aan de andere kant ben ik zo blij met hun aanwezigheid. De reis heeft een extra lading gekregen. Ze zijn overal aanwezig,’
Belangrijk!
De verslagen op Scholieren.com zijn bedoeld als naslagwerk. Lever nooit verslagen van internet zomaar bij je leraar in. Je bent zelf verantwoordelijk voor de gevolgen van dit soort fraude.
Wij krijgen de verslagen van scholieren. Hierdoor kan het gebeuren dat er foute informatie online staat. Gebruik geschiedt dus op eigen risico. Kom je een fout tegen? Laat het ons weten.




Openen in tekstverwerker
Printen
Emailen